
Na vijfentwintig jaar is Paul Kriele gestopt met Bastion Oranje
Human Interest 1.844 keer gelezenDEN BOSCH | Na vijfentwintig jaar is er in januari een eind gekomen aan Bastion Oranje, de website waarop Paul Kriele (77) de ins en outs van Den Bosch publiceerde. “Vooral de levensverhalen van de Bosschenaren wilde ik graag vertellen.”
door Lisette Broess-Croonen
Als jonge jongen schreef Kriele al zijn eerste artikeltjes. “Ik was een eigenwijze en nieuwsgierige jongen. Als er iets gebeurde in de stad, dan ging ik daar heel snel naar toe. Het ging me niet om het ongeval zelf, maar om alles wat er omheen gebeurde. Op mijn dertiende typte ik die eerste ongevalletjes uit op onze Remington typemachine. In ons nette, katholieke gezin was ik wel wat recalcitrant en een beetje een buitenbeentje.”
Drive
Eind jaren zeventig kwam de Bosschenaar in de journalistiek terecht. Zo werkte hij ook bij de Bossche Omroep (hoofdredacteur) en het Brabants Dagblad (stadsredactie). In zijn vrije tijd deed hij werk voor de ORVA (ziekenomroep). Daar kwam hij in aanraking met veel Bosschenaren en hun levensverhalen. “Ik voelde een bepaalde drive om de verhalen van mensen vast te leggen. Ik zag een Haags boek ‘Stadsgezichten’ en kwam zo op het idee om mijn verhalen te gaan bundelen. Dat heeft geresulteerd in zo’n tien boeken. Het is de ‘drive van Kriele’. De voldoening om iets te maken en de bevrediging om het eindresultaat te zien.”
Bastion Oranje
Het leidde ook tot zijn eigen website Bastion Oranje. “Bastion Oranje paste in mijn lijn van ontwikkeling als journalist. Ik woon al vijftig jaar aan de Zuidwal en ben nogal historisch aangelegd. Ik kijk uit op Bastion Oranje en heb daarom deze naam gekozen. Ik was zowel de auteur als de uitgever en deed het vrijwillig. Daarbij kreeg ik hulp van fotografen als Henk van Esch, Olaf Smit, Gerard Monté en Peter van Gogh. Ik bracht het lokale nieuws, maar het ging me vooral ook om de levensverhalen van de Bossche inwoners. Ik heb het vijfentwintig jaar gedaan en vond dat een mooi moment om te stoppen. Ik wilde niet tot mijn tachtigste doorgaan, het is nu mooi geweest.”
Podcast
Maar helemaal stoppen met het vertellen van zijn verhalen, doet Kriele nog niet. “Sinds oktober maak ik een podcast. Daar heb ik speciaal een cursus voor gedaan. Alle interviews die ik in de afgelopen vijftig jaar heb gedaan, staan op cassette. Deze heeft Peter van der Elst voor mij gedigitaliseerd. Toon Rekkers monteert de fragmenten die ik nodig heb. Zo kom ik tot afleveringen van twintig tot dertig minuten. Ik ben wel trots op mijn ontwikkeling in de techniek. Ik maak ongeveer drie podcasts per maand die te beluisteren zijn op Spotify onder ‘Bossche Stadsgezichten’.”
Stadschroniqueur
Kriele heeft niet alleen al zijn cassettebandjes bewaard, maar ook alle artikelen, notities en ordners met informatie over Den Bosch. “Dit alles draag ik over aan Erfgoed ’s-Hertogenbosch. Zij vinden mij een stadschroniqueur. Dat is wel een mooi compliment. Ik schrijf geen literaire stukken zoals Eric Alink, maar schrijf alles op zoals ik het zie. Dat wordt schijnbaar toch ook gewaardeerd.”
‘Verdwenen Stadsgezichten’
Wat zijn nu de bijzondere verhalen in die lange geschiedenis van schrijven? “Het meest schokkende en spectaculaire verhaal was de schilderijenroof van Hans van Meesen. Ik zat op een verjaardag en werd gebeld. Na dat telefoontje ben ik daar direct vertrokken en aan het werk gegaan om alles te verslaan. Trots ben ik ook dat ik heb gewonnen in de rechtszaak die Mark van Deursen tegen me had aangespannen. Hij had me aangeklaagd omdat hij vond dat zijn persoon en bedrijf in eer waren aangetast. Maar ik kreeg gelijk van de rechter. Dat was een mooie overwinning. Het mooiste wat ik heb gemaakt, vind ik mijn laatste boek: ‘Verdwenen Stadsgezichten’. Dat gaat over de gewone Bosschenaar. De leukste verhalen komen immers uit de volksbuurten.”















