
Column Jules Faber: Kaart
Column 12 keer gelezenMijn tante woont in een comfortabel huurhuis. Ze heeft een AOW en door de jaren heen flink wat spaargeld vergaard. Ondanks dat ze heel zuinig is en alle winkels afloopt voor de aanbiedingen, maakt ze zich toch zorgen over haar financiën. Om haar gerust te stellen heb ik al haar inkomsten en uitgave op een rij gezet.
Ik vertelde haar dat ik had uitgerekend dat ze met haar uitgavepatroon voldoende spaargeld heeft voor minstens 25 jaar. Daar reageerde ze op met: “Dat is allemaal wel leuk en aardig, maar hoe moet het daarna dan?”. Nu moet je weten dat ze dit jaar 86 jaar wordt. Ik kon mijn lach moeilijk onderdrukken en ook mijn tante schoot in de lach van haar eigen opmerking. Ze vertelde mij dat ze haar televisie op hadden gehaald voor reparatie, omdat ze geen beeld maar wel geluid had. Volgens de verkoper van de elektronicazaak was het een kleine reparatie en zo gepiept. “We bellen u wel wanneer hij klaar is”, zei hij om mijn tante gerust te stellen. Nu is mijn tante nogal ongeduldig van aard, dus belde ze ’s middags en de volgende dag regelmatig naar de elektronicazaak om te vragen of haar tv al gemaakt was. Iedere keer vertelde ze tegen de reparateur hoezeer ze haar tv miste. Maar telkens als ze belde, kreeg ze te horen dat het onderdeel nog niet binnen was en dat het nog wel een of twee dagen kon duren. Zo gauw het onderdeel binnen was, zou het apparaat meteen gemaakt worden. Mijn tante was het wachten beu en bedacht een plan. Ze schreef een kaart en deed die in de brievenbus van de elektronicawinkel. Want, zoals ze dat altijd zo mooi kan zeggen: “Een kaart sturen is een goede manier, om ergens heen te gaan, zonder je hart te verplaatsen”. Tja, toen ik dat voor de eerste keer hoorde, moest ik daar toch wel even over nadenken wat ze daar nou precies mee bedoelde. De reparateur zag de volgende morgen haar kaart in de brievenbus liggen. Met daarop de tekst: “Ik wens de televisie van mij van harte beterschap”, met daaronder haar naam, adres en het telefoonnummer. “Als je het niet meer trekt, moet je gaan duwen”, is haar motto. En wat denk je? De volgende dag was haar geliefde tv klaar en werd bij haar thuisgebracht. Typisch weer een ludieke actie van mijn tante. “Zonder dat ik ben gaan zeuren, hebben ze toch snel mijn tv gemaakt. Je moet niet altijd zeuren, om iets te bereiken”, aldus mijn tante: “Ze trok een ernstig gezicht en zei: “Je weet vast wel dat een volwassen zeurpiet jaarlijks anderhalf maal zijn eigen gewicht verbruikt aan geduld van andere mensen”.
Jules Faber















